Als je wilt weten wat surrealisme is: wandel door een Japanse pitstraat. Ter linkerzijde raakt een van top tot teen in primair gekleurd nylon geklede mascotte letterlijk zijn hoofd kwijt door op volle snelheid tegen een hek te lopen. De hitte van 40 graden Celsius en de luchtvochtigheid die aanvoelt alsof je warme wol moet inademen, zijn hem duidelijk te veel geworden.

Monteurs die gekleed gaan in woest van sponsor- en teamlogo’s voorziene overalls schieten heen en weer bij het doen van Belangrijke Autodingen, gevolgd door een nogal forse man die een grote pluche pop in een kinderwagen voortduwt.

Volwassen vrouwen in zeer eigenaardig ingekorte schooluniformen kreupelen in het rond op 12 centimeter hoge hakken, terwijl GT-auto’s spugend en sissend stationair draaien en boven ons hoofd militair uitgedoste types uit een rondcirkelende helikopter abseilen naar de start/finishlijn.

De baas van Stellantis Motorsport is er ook

Net als wij langskomen, weet een man met een T-shirtkanon een toeschouwer per ongeluk midden in zijn gezicht te schieten met het tot een balletje opgerolde kledingstuk. Gezien het feit dat het slachtoffer op rij 40 van de hoofdtribune zit, zal hij de klap waarschijnlijk wel overleven. Te midden van dit alles, met een haast gelukzalige kalmte en het troostende aura van een favoriete oom, staat Jean-Marc Finot, de grote baas van Stellantis Motorsport.

Peugeot 9x8 Jean-Marc Finot, de baas van Stellantis

Hij is, naar mijn schatting en beperkte ervaring, een van de aardigste mensen in de wereld van de gemotoriseerde sporten. Tot dusver heeft hij bijzonder veel geduld getoond; met mijn enthousiaste maar naïeve vragen, en met de ontberingen van (de pogingen tot) het doen van een gefilmd interview in een drukke pitstraat, en heeft beleefd niet gemeld dat ik zo agressief aan het zweten ben dat mijn hoofd al aardig begint te lijken op een enorme roze rozijn.

‘Je werkt niet in de racerij als je er geen passie voor hebt. Het is al een droom van kinds af aan. En als je die passie hebt, hoef je geen dag in je leven meer te werken’, zegt hij lachend, terwijl hij op harthoogte op zijn borst slaat en wonderlijk genoeg geen enkele last van de hitte lijkt te hebben. ‘En natuurlijk is dit ook een laboratorium voor nieuwe technologie die je op toekomstige auto’s zou kunnen tegenkomen.’

De eerste ontmoeting met de Peugeot 9X8

Wat nu eerlijk gezegd wat vergezocht lijkt. Want op dit moment komen we langs de reden dat hij hier is, de pitbox van Peugeot, en vangen een glimp op van wat erin staat. De Peugeot 9X8 Le Mans hypercar. En die ziet er volkomen fantastisch uit. Hij lijkt echter niet heel erg op een 308, of op een e-Rifter.

Ja, hij ziet eruit als een Peugeot – de lichten in klauwvorm verklappen dat al meteen, maar de slanke, roofdierachtige vormen van een raceauto zijn niet erg gericht op de mogelijkheid om achterin een kinderwagen op te kunnen bergen.

En zelfs als de 9X8 Hypercar enorm succesvol gaat worden, zal het nog lastig zijn om genoeg associaties met een 508 op te roepen om het aloude adagium ‘winnen op zondag, verkopen op maandag’ eer aan te doen. Maar er zit wel degelijk een gedachte achter de gekte. Zeker, autosport is de toverketel waarin nieuwe technologie wordt geboren en oude wordt geperfectioneerd.

De techniek komt ook terug in de auto’s voor de weg

Er zijn tal van links tussen snelweg en circuit; denk in dit geval bijvoorbeeld alleen al aan de efficiency van het terugwinnen van energie in hybridesystemen. Blijkbaar is het algoritme van het energiemanagement van de 508 PSE direct verwant aan dat van de 9X8, geloof het of niet.

Maar belangrijker: autosport brengt prestige en draagt bij aan het zelfvertrouwen, aan het idee dat een bedrijf dat een auto kan ontwikkelen die bestand is tegen zulke extreme condities, waarschijnlijk ook wel een auto kan bouwen die geschikt is voor de Grand Prix van Wie Brengt Vandaag de Kinderen Naar School. Het is PR, maar dan met heel scherpe tanden.

Peugeot 9X8 publiek

En dat is min of meer waarom wij hier zijn. Om het nieuwe WEC-­format van Le Mans-hypercars (en de nauw verwante Le Mans Daytona-hybrides) te bezien door de bril van de – tot nu toe – interessantste machine, de Peugeot 9X8. Om te kijken of dit spul jouw aandacht verdient. En ‘hier’ is dé plek om dat te doen: Japan.

We zijn vandaag op Mount Fuji

Uitnodigend opgekruld in de schaduw van de berg Fuji ligt de gelijk­namige Fuji International Speedway, momenteel het toneel van de zojuist beschreven bizarre activiteiten, terwijl de teams zich furieus voorbereiden op de aanstaande start van de ‘6 Uur van Fuji’ WEC-race.

De GT-auto’s strooien met toeren om hitte in de motoren te krijgen, de rauwe stemmen van de diverse Ferrari’s 488 worden overschreeuwd door de kettingzaagrasp van race-Porsche 911’s. De mascottes paraderen en poseren, en trekken zich dan terug in de pitboxen om buiten het zicht van de camera’s stilletjes te sterven. Helaas gaan de dingen in mijn directe omgeving niet allemaal even goed.

Peugeot 9X8 achter op Mount Fuji voor publiek

Enigszins beneveld door de jetlag, hitte en vochtigheid is het me al gelukt ontzettend in de weg te lopen van een monteur in pitbox 8, te struikelen over een belangrijke en kennelijk bijzonder gevaarlijke kabel die is opgesierd met symbolen die weinig goeds betekenen, en tegen een uiterst wankele stapel slicks aan te lopen, waardoor iedereen in de box zo hard met de ogen rolde dat ze er tijdelijke blindheid aan hadden kunnen overhouden.

Iedereen weet precies wat ie moet doen, alles is met militaire precisie voorbereid en getimed, en in dat schema is geen plek voor een onbeholpen menselijk wezen dat op de achtergrond wat aan het rondklunzen is. Maar het feit dat ik me van nature niet erg gracieus beweeg en enige vorm van omgevingsbewustzijn bij mij zo goed als non-existent is, is geen nieuws. Wat wél een verrassing is: hoe ongelooflijk goed de 9X8 eruitziet in zijn natuurlijke omgeving.

De Peugeot 9X8 is onderdeel van een illuster gezelschap

Natuurlijk, interessante Peugeots hebben zo hun glorietijden gehad. Van 205 GTi’s tot T16’s – zowel 205 als 405 – en van 905B’s tot heftige WRC-auto’s. Zelfs Pikes Peak heeft z’n cinematografische Climb Dance 405-moment gehad in de handen van Ari Vatanen. Je kunt zelfs zeggen dat Peugeot in zo’n beetje elke niche actief is geweest, van langeafstandsracen via rallyrijden tot Dakar. Maar de laatste tijd? Niet zo heel erg. Tot nu, met de 9X8.

 In vlees en bloed, of liever metaal en kunststof, is de 9X8 adembenemend. Compacter dan je zou denken, met die kleine cockpit-bubbel die omgeven wordt door een carrosserie die in alles geconstrueerd lijkt te zijn naar functionaliteit. In een tijd van neppe koelgaten en marginaal nuttige aerodynamische toevoegingen aan gewone straatauto’s is de 9X8 een eerbetoon aan nut.

Peugeot 9X8 in de pitbox

In veel opzichten wordt hij gedefinieerd door afwezigheid. De uitsparingen, de gaten, de sleuven en het feit dat er ­achterop nu eens géén enorme vleugel ligt. De nodige downforce wordt bewerkstelligd door een zorgvuldig ontwerp van zowel de onder- als bovenzijde van de auto, en de stabiliteit wordt gewaarborgd door een centrale vin over de lengte van de carrosserie waarvoor een witte haai zich beslist niet zou schamen.

Hij mag dan volgestopt zijn met technologie, je kunt er niet omheen dat dit, met die klauwlichten voor en achter, gewoon een ontzettend tof uitziende raceauto is. En beter nog: hij ziet er bovenal snel uit. En behoorlijk uniek. In een wereld waarin de snelste langeafstands­racers eruitzien alsof ze eeneiige tweelingen zijn, is dit nogal een revolutie. Wat ons bij het onderwerp van de Le Mans-hypercars brengt.

De toekomst van Le Mans-racerij ligt in zijn handen

Om de conclusie alvast maar met deur en al het huis in te mikken: dat wordt een serie die nog weleens de redding van de langeafstandsracerij kon betekenen. Of op zijn minst een stevig infuus in de arm, dat kracht kan geven voor een hele nieuwe generatie fans. Een handvol feiten en feitjes dus, net genoeg om je in de kroeg in ieder geval staande te kunnen houden.

De uitgaande LMP1-klasse werd een beetje een overgereguleerde aangelegenheid, met kosten die het BNP van een klein tot middelgroot land naar de kroon begonnen te steken, wat niet alleen de fabrikanten maar ook de privérijders wegjoeg. Dat leidde ertoe dat de LMP1 op zijn minst wat, eh… dunbevolkt aanvoelde.

Toyota wint Le Mans coureurs bij rijdend auto in de pits

Het probleem met de LMP1, nog afgezien van die enorme kosten, was dat de regels dicteerden hoe alles eruit moest zien. Om de downforce te creëren die nodig was om competitief te zijn, moesten vleugels aan exacte eisen voldoen. Auto’s moesten bepaalde kenmerken hebben, anders waren ze misschien wel mooier, maar reden ze sowieso ergens achteraan rond.

Het resulteerde in, voor het ongetrainde oog tenminste, gefotokopieerde versies van zo goed als dezelfde auto met wat verschillende kleurtjes en stickers. En daar kunnen fans niet zoveel mee, emotioneel of intellectueel. Snel, zeker, maar niet vermakelijk of opwindend.

Dus kom maar van de showtrap af, LMh (en LMDh), met een heel nieuw strijdplan. Minder downforce, wat meer designvrijheid toestaat en bijvoorbeeld het vleugelloze profiel van de 9X8 oplevert. Daarnaast kunnen (en moeten) teams kiezen uit vier fabrikanten die chassis kunnen leveren, wat de kosten laag houdt, en is er een pakket regels dat meer vrijheid geeft om je uit te drukken.

Specificaties van de Peugeot 9X8

Zo is de aandrijflijn bijvoorbeeld meestal, maar niet per definitie, een hybridesysteem. Een achter in de auto gemonteerde verbrandingsmotor wordt daarbij gekoppeld aan een 200 kW (272 pk) sterke, voorin gemonteerde elektromotor. Zolang het systeemvermogen de 680 pk niet overschrijdt, ben je vrij om het hybridesysteem naar eigen inzicht te gebruiken.

Peugeot 9X8 pitmuur

Je kunt dus de verbrandingsmotor boosten, de motor voorin gebruiken om de voorwielen aan te drijven (zodat je vierwielaandrijving hebt) of de verbrandingsmotor in zijn eentje aan het werk zetten. Iedereen heeft dezelfde Michelin-banden. En er is een budgetplafond, waardoor een LMh-auto zo’n 75 procent kosteneffectiever is dan een LMP1, zodat fabrikanten én privateers kunnen instappen. En dat maakt het racen spannender.

De grote merken komen terug op Le Mans

Maar het beste gedeelte? Hoewel de regels bepalen dat er een maximum is aan de hoeveelheid vermogen en er bepaalde ingewikkelde balance of power-voorschriften zijn in een poging de auto’s aan elkaar gewaagd te houden, is de keuze van de verbrandingsmotor geheel aan de deelnemers zelf – en daar zijn er nogal wat van.

Turbo of natuurlijk ademend, V6, V8 of (waarschijnlijk alleen in theorie mogelijk) V10 of V12, de keuze is vrij. En dus heb je Peugeot (9X8), Toyota (GR010) en Ferrari (499P) met V6-turbomotoren, Scuderia Glickenhaus (SCG 007), Lamborghini en Porsche (963) met biturbo V8’en en sommige auto’s die de complexiteit van hybride links laten liggen.

En daar stopt het niet. Er zijn inschrijvingen van Acura (de luxe-/performance-tak van Honda), Alpine, BMW M, Cadillac en Vanwall (zonder hybridesysteem), en er komen er nog meer aan, de privateers niet meegerekend. Wat dat betekent, is dat je opeens een klasse hebt met een beetje het karakter van een GT-klasse. Herkenbare auto’s van een keur aan verschillende fabrikanten, auto’s die anders klinken, er anders uitzien en zich anders gedragen.

Auto’s die niet zozeer afhankelijk zijn van het geld dat ertegenaan wordt gesmeten, maar van de set-up en de kunde van de coureur. Auto’s kortom die langeafstandsracen weer opwindend gaan maken. En opwindend is het. Er rijden hier, in deze amuse voorafgaand aan de officiële start van LMh in 2023, nog maar drie teams mee, maar je haalt ze er onmiddellijk uit.

De Peugeot 9X8 is een favoriet van het publiek

Ze zijn sneller dan de GT’s (maar niet zo snel als de LMP1’s) en moeten zich nog steeds door de langzamere productieauto’s heen vechten, tussen de gebruikelijke Ferrari’s en Porsches zigzaggen, wat altijd goed is voor wat drama. De 9X8 zit daar eigenlijk nog een niveau boven en is meteen herkenbaar, zowel qua uiterlijk als geluid.

Gedurende elk van de zes uren trekt hij de aandacht van oog en oor, als een bijzonder fraai ogend projectiel scherend over het heuvelachtige circuit. En het schiet telkens door je hoofd: zo moet langeafstandsracen zijn, met de spanning en sensatie van close racing gekoppeld aan strategie en betrouwbaarheid, met ontzettend cool ogende auto’s.

Vierdimensionaal schaken op hoog octaangetal bij 320 km/u. Het is, zelfs in dit prille stadium, al veel leuker dan het WEC-spul waar ik de interesse een tijd geleden in verloor. De Peugeots doen het uitstekend tijdens de race, zeker als je dit meer beschouwt als een serieuze testsessie dan als iets waarbij competitie een rol speelt.

Het team had duidelijk meer gewild (de wil om te winnen zit nu eenmaal in hun DNA), maar de Toyota’s verslaan op hun thuiscircuit met een veel nieuwere auto – het is wat veel van het goede. Maar ondanks de nieuwigheid van alles fonkelt de 9X8 als een baken voor de hele raceklasse. Vandaag de dag gaat alles om betrokkenheid.

We gaan nog veel genieten van de Peugeot 9X8

Hoe grijp je iemands aandacht en hoe hou je deze vast, hoe voorkom je dat ie afdwaalt naar een van de vele andere bronnen van entertainment? Het is maar al te makkelijk om te worden afgeleid door iets dat nog harder glimt, meer sprankelt en levenslustiger is. En dat is waar het bij de Le Mans-hypercars om gaat.

Het brengt teams terug waarmee je je kunt identificeren, waar je iets mee hebt. Peugeot doet iets dappers en unieks, het keert terug naar de autosport met een auto die iedereen opvalt, met een uitstraling die zomaar eens zijn uitwerking zou kunnen hebben op de straatauto’s met PSE-logo’s.

Dus nee, het is niet verbazend dat fabrikanten opgewonden zijn over de Le Mans-hypercars en ja, het is een klasse die je aandacht beslist waard is. Maar de grootste verrassing is dat de coolste auto op de grid tot toe… een Peugeot is.

Reacties

  • Theo heeft op 15 januari 2023 geschreven:

    Reageer
  • cpa lub heeft op 27 december 2022 geschreven:

    Nou, ik vind aan die hypercars (LMP 1 en 2) op Le Mans niets aan, vaak hoor je alleen gefluit als ze langskomen en er is vrijwel geen enkele associatie met straatauto’s. Veel leuker zou het zijn om alleen straatauto’s toe te laten (net zoals vroeger), dan is de 24 uur ook een mooie test hoe betrouwbaar die zijn bij langdurig gebruik en die straatauto’s hebben vaak ook een veel mooier geluid en ze zien er ook veel beter uit.

    Reageer
  • Robert heeft op 26 december 2022 geschreven:

    Leuk geschreven langere tekst en prachtige foto’s! Dankjewel

    Reageer

Geef een reactie

(verplicht)